Ga naar de inhoud

OOWGEDS IN BILLEKES : LES 24, p. 92, 93, 94 en 95

Les 24, p. 92 en 93

LES 24, p. 92 en 93

Voor de juiste uitspraak en schrijfwijze, zie bij Publicaties op deze site: Praktische Grammatica, p. 17 – 22, of Lexicon van het Hoegaards dialect, p. 7 – 14.

  • Woordenschat: èkspérjènse = experiment / sjimist = scheikundige / èès = ijs / vééjere = varen / blekske = blokje / vreujze = vriezen / wààrem = warm / growed = graad / iejet = heet / zwiejete = zweten / vàwgel = vogel / locht = lucht / vleujgplaan = vliegveld / Bééjevekom = Beauvechain / Goetsjenàwve = Goetsenhoven / oweseme = ademen / uujere = horen / flààt = fluit / bloweze = blazen
  • Verkleinwoorden (Grammatica p. 88 en 89) ‘blekske’, met doffe e’s
  • Woordenschat rond klimaat (Grammatica p. 137), wààrem, iejet, vreujze
  • Vervoeging ‘mowàke’ / ich mowàk, gèè màkt, ééjà màkt, wèlle mowàke, gèlle màkt, zèlle mowàke. Let op de tweeklank in het Hoegaards, dit in tegenstelling tot het Tiens.
  • Vervoeging ‘oweseme’ / OTT: ich owesem / OVT: ich owesemde / Imperatief: owesem!
  • and / meervoud ‘anne’, onregelmatige meervoudsvorming (Grammatica p. 31)
Les 24, p. 94 en 95

LES 24, p. 94 en 95

Voor de juiste uitspraak en schrijfwijze, zie bij Publicaties op deze site: Praktische Grammatica, p. 17 – 22, of Lexicon van het Hoegaards dialect, p. 7 – 14.

  • Woordenschat: kàwke = koken / gaazeveuj = gasvuur / élentrik = elektriciteit / frigo = koelkast / aave = houden / ààr = ei / màwge = mogen / kinne = kennen / mééjete = meten / deujne = dienen / mowet = maat / allemowel = allemaal
  • Vervoeging ‘kàwke’ / OTT: ich kàwk, gèè kokt, wèlle kàwke / Voltooid deelwoord: gekokt
  • ‘aave’ , vervoeging / Hoofdtijden: àwf, gàwve / OTT: ig aaf, gèè eft , wèllen aave / Niet te verwarren met het werkwoord ‘effe’ = opheffen. Sommige vormen zijn identiek, bv. gèè eft
  • Het uur lezen (Grammatica p. 118) ’t és drèè eujre
  • ‘mééjete’, woordenschat rond vorm en afmetingen (Grammatica p. 124)