Ga naar de inhoud

OOWGEDS IN BILLEKES : LES 21, p. 80, 81, 82 en 83

Les 21, p. 80 en 81

LES 21, p. 80 en 81

Voor de juiste uitspraak en schrijfwijze, zie bij Publicaties op deze site: Praktische Grammatica, p. 17 – 22, of Lexicon van het Hoegaards dialect, p. 7 – 14.

  • Woordenschat: blowàre = bladeren / ànge = hangen / keref = korf / zééje = zeggen / frààt = fruit / pééjer = peer / banan = banaan / sitroown = citroen / appelseujn = sinaasappel / pès = perzik / drààf = druif / wèèt = ver / oeprowape = oprapen / wédde = worden / kinne = kennen.
  • Onvoltooid toekomende tijd (Grammatica p. 69) / Ze zal z’ in de keref zétte
  • Voltooid tegenwoordige tijd (Grammatica p. 68), Z’àj den appel vastgepàkt
  • Woordenschat rond voeding (Grammatica p. 125)
  • Het gebruik van gowen als hulpwerkwoord van de toekomende tijd (Grammatica p. 67) Da go nog làng deujre
  • Bezittelijke voornaamwoorden (Grammatica p. 52) / ajre kop / ajre keref
Les 21, p. 82 en 83

LES 21, p. 82 en 83

Voor de juiste uitspraak en schrijfwijze, zie bij Publicaties op deze site: Praktische Grammatica, p. 17 – 22, of Lexicon van het Hoegaards dialect, p. 7 – 14.

  • Woordenschat: doewes = doos / vajkant = voorkant / zwèt = zwart / vajdaj = voordeur / vààreve = verven / wit = wit / zèèkant = zijkant / en maa = een mouw / kol = kraag / briejed = breed / innàjme = inkorten / zéng = zien / speSjowal(s) = speciaal / ket = kort / pertàng = nochtans / vavaj = vooraan / ower = haar
  • Het werkwoord zéng = zien in het klassieke Hoegaards / we horen ook wel zeujn / Hoofdtijden (Grammatica p. 60)
  • Wit / zwèt : kleuradjectieven (Grammatica p. 43)
  • Vèèf / drèè : telwoorden (Grammatica p. 45)
  • speSJowal / schrijfwijze met hoofdletters SJ, want met kleine letters geschreven hebben we een andere klank (Grammatica p. 19) sjoekele = sukkelen / dikSJonèèr = woordenboek
  • ‘Làng genoeg’, ook wel ‘làngk genoeg’
  • pertàng komt van het Frans ‘pourtant’
  • Aanwijzende voornaamwoorden (Grammatica p. 50 ) / dad ès / da’s ne man / dééjà jas
  • Vragende zin met inversie (Grammatica p. 97) / Zén zen ààreme làng genoeg?